Voortijdig schoolverlaters met multiproblematiek vinden nog steeds geen passende plek op de arbeidsmarkt
Jongeren zonder startkwalificatie met problematiek op meerdere leefgebieden vinden nauwelijks zelfstandig hun weg naar de arbeidsmarkt. Anders dan nu gebeurt, hebben zij brede ondersteuning nodig die aansluit bij hun levensfase. Ook is het nodig dat we als samenleving anders kijken naar ‘verdienste’. Dat concludeert Maritza Gerritsen-Ververs in haar proefschrift Hoe kan ik naar mijn werk als het regent? dat ze 24 februari verdedigde aan de Universiteit voor Humanistiek.

Jaarlijks verlaten zo’n 30 duizend jongeren school of studie zonder een startkwalificatie te halen. Een derde van hen heeft problemen op minstens twee leefgebieden, zoals psychische klachten, moeite met leren of te weinig redzaamheid. Ook missen ze vaak een voorbeeldnetwerk dat hen ondersteunt bij het volwassen worden en opvangt als er iets misgaat. Hoe vinden zij hun weg naar de arbeidsmarkt? Wat verwachten ze van (toekomstig) werk en hoe worden hun ervaringen beïnvloed door bestaande denkbeelden over werk en verdienste? Wie helpt ze als het niet lukt om zelfstandig een plek op de arbeidsmarkt te vinden?
Deze vragen staan centraal in het proefschrift Hoe kan ik naar mijn werk als het regent? School-naar werk-transities van jongeren zonder startkwalificatie, met multiproblematiek, tegen de achtergrond van een meritocratie en een activerende verzorgingsstaat van Maritza Gerritsen-Ververs. Zij sprak zowel met jongeren als met professionals die deze jongeren ondersteunen.
Verwachtingen
Het ontbreken van een startkwalificatie, in combinatie met multiproblematiek, zorgt voor extra ballast tijdens de school-naar-werk transitie. Zo krijgen deze jongeren minder gelegenheid om werknemersvaardigheden en werknemersveerkracht op te bouwen, terwijl ze hier juist meer tijd voor nodig hebben. Door de sterke focus van werkgevers op diploma’s ervaren de jongeren dat hun kwaliteiten niet worden gezien, met (dreigend) verlies van zelfrespect als gevolg. Tegelijkertijd zijn hun eigen verwachtingen van toekomstig werk vaak onrealistisch hoog en ontwikkelen ze strategieën om hun zelfrespect te beschermen.
De gesprekken met professionals maken duidelijk dat levensbrede en levensfasebewuste ondersteuning nodig is om deze jongeren optimaal te begeleiden. Levensbrede ondersteuning betrekt alle leefgebieden die geraakt worden door de multiproblematiek, in plaats van eenzijdig te focussen op werk. Levensfasebewuste ondersteuning sluit aan bij de ontwikkeling die jongeren doormaken tijdens de adolescentie.
Verdienste
Deze jongeren willen wel, maar kúnnen niet voldoen aan de eisen van een meritocratische ideologie, aldus Gerritsen. Daarom is het nodig dat we als samenleving anders gaan kijken naar verdienste. Niet iedereen kan de meritocratische ‘ratrace’ winnen, maar wel iedereen heeft iets bij te dragen. Ze eindigt haar proefschrift met conclusies en aanbevelingen over wat er nodig is om deze jongeren duurzaam te laten bijdragen aan de arbeidsmarkt en de samenleving.
Maritza Gerritsen-Ververs is promovendus aan de Universiteit voor Humanistiek en docent-onderzoeker aan Hogeschool Arnhem en Nijmegen.
Promotie Maritza Gerritsen-Ververs, 24 februari 2026
Informatie: nieuws@uvh.nl, 06 19442989