Deze website maakt gebruik van cookies

M2-ONDZ2: Narratief onderzoek en Oral History (19-20)

Studie-
onderdeel

Narratief onderzoek en Oral History

Engelse titel

Narrative Research and Oral History

Code

M2-ONDZ2

Leerlijn

Onderzoek

Studiejaar

Masterjaar 2

Onderwijs-
periode

IV

Omvang

7,5 ECTS

Taal

Nederlands

Examinator

Nicole Immler

(Beoogde)
docent(en)

Nicole Immler

LeerdoelenNa afloop van deelname aan M2-ONDZ2 Onderzoek 2 volgens de eisen kan de student:
  1. op een transparante en systematische manier methodische concepten van narratief onderzoek en oral history, afkomstig uit diverse disciplines, benoemen en beschrijven. (1a)
  2. theoretische en methodische concepten van narratief onderzoek en oral history, binnen de verschillende (groeps- en individuele) onderzoeksopdrachten, toepassen. (2c)
  3. gevoerde wetenschappelijk debatten op het terrein van narratief onderzoek en oral history benoemen en kritisch evalueren. (1a,3a)
  4. kennis over narratief onderzoek en oral history in een wetenschappelijk artikel verwerken en op argumentatief overtuigende wijze daarop reflecteren in een helder betoog. (1a,2c,3a,4a)
  5. op juiste wijze (zowel qua inhoud als vormgeving) een wetenschappelijk artikel opbouwen en schrijven, zoals gangbaar binnen de geesteswetenschappen. (2c,4a)

        Korte
        inhouds-
        beschrijving

        In dit studieonderdeel wordt de student bekend gemaakt met theoretische en methodologische opvattingen over en de praktische uitvoering van narratief onderzoek en oral history. Middels hoorcolleges worden begrippen als ‘narrative turn’, narratief onderzoek, levensverhaal, egodocument en oral history geïntroduceerd en geproblematiseerd en aan de hand van de literatuur worden verschillende theorieën over narratief onderzoek en oral history besproken. Ondertussen gaat de student in de practica zelf aan de slag. In duo’s worden verschillende bronnen (egodocumenten en interviews) geanalyseerd. De focus ligt daarin op levensverhalen. Op deze manier wordt de literatuur uit de hoorcolleges verbonden met de praktijk. Een van die twee opdrachten wordt door de duo’s gepresenteerd tijdens de aan presentaties en feedback gewijde werkcolleges. Naast de groepsopdrachten voert de student een individuele eindopdracht uit, waarmee hij of zij bewijst op masterniveau de theorie, methode en praktijk van narratief onderzoek en oral history te beheersen. In de individuele eindopdracht in de vorm van een wetenschappelijk artikel analyseert de student het eerder geanalyseerde interview aan de hand van een vooraf door jou gekozen narratieve theorie of methode en de in de hoor- en werkcolleges behandelde opvattingen en toepassingen van oral history. Daarbij is het van belang te laten zien dat de student in staat is wetenschappelijke literatuur kritisch te verwerken, het wetenschappelijke debat rondom de behandelde theorieën kan identificeren en ook evalueren.

        Werkvormen

        Hoorcolleges, werkcolleges, practica

        De hoor-, werkcolleges en practica zijn verplicht.

        Toetsvormen

        Eindopdracht (individueel) en twee tussenopdrachten (in tweetallen). 

        De tussenopdrachten richten zich op het analyseren van twee bronnen (schriftelijk inleveren); een egodocument en een interview/geluidsfragment. Het presenteren van een van die opdrachten en het geven van feedback op de presentatie van andere studenten (tijdens de werkcolleges) is een verplicht onderdeel van de tussendopdrachten.  

        In de individuele eindopdracht in de vorm van een wetenschappelijk artikel analyseer je de tweede groepsopdracht – de interviewanalyse – verder (met hulp van de eerder gekregen feedback). Daarvoor gebruik je de in de hoor- en werkcolleges en de literatuur behandelde narratieve theorieën zoals ook de opvattingen en toepassingen van oral history. Daarnaast ga je in je artikel op een kritisch-reflectieve wijze in op de door jou gekozen theorie of methode. Daarbij is het van belang dat je laat zien dat je in staat bent wetenschappelijke literatuur kritisch te verwerken, dat je het wetenschappelijke debat rondom de door jou behandelde theorieën kunt identificeren en daarmee ook kan benoemen in welk onderzoeksveld jouw artikel gesitueerd is en aan welke vraag hij een bijdrage levert. 

        Literatuur en
        bronnen

        Boeken:


        Verplicht: 

        Bohlmeijer, Ernst, Mies, Lausanne en Westerhof, Gerben (2007). De betekenis van levensverhalen – Theoretische beschouwingen en toepassingen in onderzoek en praktijk. Houten: Bohn Stafleu van Loghum         

        Aanbevolen:

        Selma Leydesdorff (2004). De mensen en de woorden: geschiedenis op basis van verhalen. Amsterdam: Meulenhof.

        Natascha Weezel (2014), De deerde generatie: kleinkinderen van de Holocaust. Amsterdam: Balans. 


        Artikelen (enkele, voor allen zie werkboek):

        Hyvärinen, Matti (2010). Revisiting the Narrative Turns. Life Writing, 7 (1), 69-82.

        McAdams, Dan P, (2006). The Problem of Narrative Coherence. Journal of Constructivist Psychology, 19 (2), 109-125. 

        Baggerman, Arianne en Dekker, Rudolf (2004). De gevaarlijkste aller bronnen.- Egodocumenten: nieuwe wegen en perspectieven. Tijdschrift voor sociale en economische geschiedenis 1 (4) 3-22.

        Marianne Horsdal (2016), The Narrative Interview- Method, Theory and Ethics, Unfolding a Life. In: I. Goodson et al, The Routledge International Handbook on Narrative and Life Story. London/New York, 260-269.

        Thomson, Alistair (2007). Four paradigm Transformations in Oral History. The Oral History Review, 34 (1), 49-70.

        Immler, Nicole L. (2012), ‘Too little, too late’? Compensation and family memory: Negotiating Austria’s Holocaust past. Memory Studies, 5 (3), 270-281. 

        Andrews, Molly (2010). Beyond Narrative: The shape of traumatic testimony. In Matti Hyvärinen et al, Beyond Narrative Coherence.  Amsterdam: John Benjamins Pub Co, 147-166. 

        Ernst van Alphen (2006), Second-Generation Testimony, Transmission of Trauma, and Postmemory, in: Poetics Today 27 (2), 473-488. 

        Kidron, C.A. (2004). Surviving a Distant Past: A Case Study of  the Cultural Construction of Trauma Descendant Identity. Ethos 31(4), 513-544.


        En nader bekend te maken + door de student zelf te zoeken wetenschappelijke artikelen t.b.v. de eindopdracht.


        Aanbevolen literatuur: zie werkboek.