Deze website maakt gebruik van cookies

M2-BVBEG3: Rituele begeleiding bij grenservaringen (19-20)

Studie-
onderdeel
Rituele begeleiding bij grenservaringen
Engelse titel
Ritual Counseling
Code
M2-BVBEG3
Leerlijn
Beroepsvaardigheden
Studiejaar
Masterjaar 2
Onderwijs-
periode
Periode II
Omvang
7,5 ECTS
Taal
Nederlands
Examinator
Dr. Joanna Wojtkowiak
(Beoogde)
docent(en)
Dr. Joanna Wojtkowiak
LeerdoelenNa afloop van deelname aan M2-BVBEG3 volgens de eisen heeft de student:
  1. Actuele theorievorming over de functie en betekenis van rituelen in de huidige moderne samenleving en zingevingsprocessen in het bijzonder in relatie tot menselijke kwetsbaarheid, breekpunten, keerpunten of overgangen herkennen, beschrijven en uitleggen (nr. 2a)
  2. Existentiële processen van cliënten en groepen vertalen naar rituele vormen (nr 4a + 4b)
  3. Een ritueel ontwerpen en uitvoeren dat passend, vernieuwend, haalbaar en gebaseerd is op de tijdens dit studieonderdeel opgedane kennis voor een bepaalde (groep) cliënten (nr 4b)
    Korte
    inhouds-
    beschrijving

    Rituelen zijn van oudsher culturele manieren om met grenservaringen om te gaan. Terwijl rituelen traditioneel gezien horen bij religies, worden rituelen inmiddels ook door HGVers en humanistici steeds meer ontdekt en gewaardeerd. In dit vak staat de beroepspraktijk van de geestelijke verzorger centraal met focus op de betekenis, functie en vorm van rituelen en symbolen. Rituelen worden vanuit de actieve, vernieuwende vorm van ritualizing bestudeerd: het heruitvinden van ritueel in onze complexe, plurale samenleving. Vragen zullen aan bod komen zoals: Wat is ritueel? Wat zijn de psychologische, sociale en culturele functies van rituelen en welke betekenisprocessen liggen hier ten grondslag? Wat is de opbouw van een ritueel? Wat is een humanistisch ritueel? Vanuit de vraag naar zingeving bij grenservaringen wordt in dit studieonderdeel gewerkt aan het ontwerpen van nieuwe rituele handelingen, objecten, symbolen en teksten die passen bij een humanistische levensbeschouwing. Op welke manier vindt zingeving plaats in rituele praktijken? Met welke niet-talige vormen kan de geestelijke verzorger werken?


    Het doel van dit vakis het verbinden van theorie en praktijk. De verplichte literatuur dient als theoretisch fundament voor het begrijpen van nieuwe rituelen bij grenservaringen zoals afscheid, dood en rouw, maar ook ervaringen van vreugde en blijdschap. In the colleges ligt de nadruk op het bestuderen en begrijpen van ritueel in onze samenleving. In de werkgroepen wordt actief en creatief gewerkt met verschillende methoden voor het ontwerpen van ritueel voor verschillende casussen.

    Werkvormen
    Hoorcolleges voor de inleidende kennis m.b.t. rituelen en levenseindevraagstukken; werkcolleges waarbij wordt geoefend met casuïstiek en rituele begeleiding, het liefst uit de stage-ervaringen van de studenten, om zich op deze manier voor te bereiden op de beroepspraktijk. Hierbij worden verschillende aspecten van het ritueel geoefend, o.a. het vinden van een passend symbool, het schrijven en oefenen van een openingstoespraak, het uitvoeren van rituele handelingen.
    Toetsvormen
    Schriftelijk werkstuk (schrijfopdracht groep), schriftelijk werkstuk (paper) + presentatie (groep). 
    Literatuur en
    bronnen
    Verplichte literatuur (o.a.): 

    • Lukken, G. (1999). Inleiding. In G. Lukken, Rituelen in overvloed. Een kritische bezinning op de plaats en gestalte van het christelijk ritueel in onze cultuur (pp.15-16). Baarn: Gooi en Sticht.
    • Lukken, G. (1999). Hoofdstuk 2. Karakteristiek van het ritueel. In G. Lukken, Rituelen in overvloed. Een kritische bezinning op de plaats en gestalte van het christelijk ritueel in onze cultuur (pp.45-70). Baarn: Gooi en Sticht.
    • Grimes, R.L. (2014). Defining and classifying ritual. Uit R.L. Grimes,
      The craft of ritual studies (pp. 185-210). Oxford: Oxford University Press.
    • Romanoff, R. (2006). Meaning construction in palliative care: the use of narrative, ritual and the expressive arts. American Journal of Hospice and Palliative Medicine. 24(4), 309-316.
    • Lukken, G. (1999). Hoofdstuk 1 Basiselementen van het ritueel. In G. Lukken, Rituelen in overvloed. Een kritische bezinning op de plaats en gestalte van het Christelijk ritueel in onze cultuur (pp.17-44). Baarn: Gooi en Sticht.
    • Grimes, R.L. (2014). Chapter 9 Elements of ritual. Uit R.L. Grimes, The craft of ritual studies (pp. 231-293). Oxford: Oxford University Press.
    • Wright, M. (2008). Good for the Soul? The spiritual dimension of palliative care. In: S Payne, J Seymour, C Ingleton (eds) Palliative Care Nursing: Principles and Evidence for Practice, 2nd edition, Maidenhead: Open University Press, 212-231.
    • Moore, S.F. & Meyerhoff, B.G. (1977). Chapter 1. Introduction: Secular ritual: forms and meanings. In S.F. Moore & B.G. Meyerhoff (Eds.), Secular ritual. (pp.3-24). Assen: Van Gorcum
    • Mallon, B. (2008). Chapter 1 Attachment and loss, death and dying: Theoretical foundations for bereavement counseling. In B. Mallon: Dying, Death and Grief: Working with Adult Bereavement. Thousand Oaks: SAGE.
    • Singg, S. (2009). Types of Grief. In In C, Bryant & D. Peck (Eds.)Encyclopedia of Death and the Human Experience, (pp. 538-542). Thousand Oaks: SAGE.
    • Neimeijer, R. A. (2009). Grief and bereavement counseling. In C, Bryant & D. Peck (Eds.), Encyclopedia of Death and the Human Experience, (pp. 542-545). Thousand Oaks: SAGE.
    • Romanoff, B.D. & Terenzio, M. (1998). Rituals and the grieving process. Death Studies, 22(8), 697-711.
    • Wojtkowiak, J. (2017) Sensing the dead. The role of embodiment, the senses and material objects in the ritualization of mourning (pp. 158-171). In J. Gordon-Lennox, Emerging ritual in secular societies. A transdisciplinary conversation. London: Jessica Kingsley Publishers.
    • Wojtkowiak, J. (2018). Towards a psychology of ritual: A theoretical framework of transformative ritual in a globalising world. Culture & Psychology
    • Wojtkowiak, J., Knibbe, R. & Goossenen, A. (2018). Emerging ritual in pluralistic society: a comparison of six non-religious European celebrant training programmes. Journal for the Study of Spirituality, 8(1), 77-90.


    Aanbevolen literatuur:


    Boeken

    • Schok, M & Kamp, E. (2016). Na de missie. Tips en tools voor militairen, veteranen, en het thuisfront. Delft: Eburon.
    • Mallon, B. (2008). Dying, Death and Grief: Working with Adult Bereavement. Thousand Oaks: SAGE.
    • Lukken, G. (1999). Rituelen in overvloed. Een kritische bezinning op de plaats en de gestalte van het christelijk ritueel in onze cultuur. Kampen: Gooi en Sticht.
    • Willson, J.W. (2014). Funerals without God. A practical guide to humanist and non-religious funeral ceremonies. British Humanist Association. 
    • Grimes, R.L. (2000:2002). Deeply into the bone. Re-inventing rites of passage. Berkley: University of California Press.
    • Leget C, Van levenskunst tot stervenskunst. Over spiritualiteit in de palliatieve zorg, Tielt: Lannoo 2008.
    • Wanrooij, B. S. (2010). Palliatieve zorg in de dagelijkse praktijk. Houten: Bohn Stafleu van Loghum, Springer Media.     
    • Pijnenburg M, Leget C (eds), Intercultureel sterven: een professioneel ethische uitdaging. Best: Damon 2006.
    Artikelen/Hoofdstukken 
    • Gordon-Lennox, J. (2016). Chapter 4. Ritual Materials and design. In J.Gordon-Lennox, Crafting secular ritual. A practical guide. (pp.50-62). London: Jessica Kingsley Publishers.
    • Gordon-Lennox, J. (2016). Chapter 5. A ritual toolbox. In J. Gordon-Lennox, Crafting secular ritual. A practical guide. (pp.63-90). London: Jessica Kingsley Publishers.
    • Kawano (2004). Pre-funerals in contemporary Japan: The making of a new ceremony of later life among ageing Japanese. Ethnology, 43(2), 155-165.
    • Gibson, M. (2004). Melancholy objects. Mortality, 9(4), 285-299.
    • Bailey, T. & Walter, T. (2015). Funerals against death. Mortality, Published online. DOI:10.1080/13576275.2015.1071344
    •  Wojtkowiak, J. & Wiegers, G. (2008). Moslims doen het helemaal zelf. Veranderende islamitische uitvaartrituelen in Nederland. In. E. Venbrux, M. Heessels, S. Bolt, Rituele Creativiteit. Actuele veranderingen in de uitvaart- en rouwcultuur in Nederland. Zoetermeer: Meinema.
    •  Enck, G.E. (2003). The dying process. In C.D. Dryant (Ed.), Handbook of death and dying, pp.457-467. Thousand Oaks, CA: SAGE.
    •  Komaromy, C. (2000). The sight and sound of death: management of dead bodies in residential and nursing homes for older people. Mortality, 5(3), 299-315.
    • Yang, W., Staps, T., Hijmans, E. (2010). Existential crisis and the awareness of dying: the role of meaning and spirituality. OMEGA, 61(1), 53-69.
    • Glamser, F. D. & Cabana, D. A. (2003). Dying in a total institution. The case of death in prison. In C.D. Dryant (Ed.), Handbook of death and dying, pp.495-501. Thousand Oaks, CA: SAGE.
    • Brabant, S. (2003). Death in two settings. The acute care facility and hospice. In C.D. Dryant (Ed.), Handbook of death and dying, pp.475-494. Thousand Oaks, CA: SAGE.
    • Kovacs, P. J. & Pauri, D.P. (2003). Formal and informal caregiving at the end of life. In C.D. Dryant (Ed.), Handbook of death and dying, pp.502-510. Thousand Oaks, CA: SAGE.