Deze website maakt gebruik van cookies

M2-BVBEG1: Begeleiding bij morele vragen en morele competenties (19-20)

Studie-
onderdeel

Begeleiding bij morele vragen en morele competenties

Engelse titel

Moral Dialogue and Competence

Code

M2-BVBEG1

Leerlijn

Beroepsvaardigheden

Studiejaar

Masterjaar 2

Onderwijs-periode

Periode III

Omvang

7,5 ECTS

Taal

Nederlands

Examinator

Dr. Wike Seekles

(Beoogde)
docent(en)

Dr. Wike Seekles / prof. dr. Arjan Braam + gastdocenten

LeerdoelenNa afloop van deelname aan M2-BVBEG1 Beroepsvaardigheden volgens de eisen:       
  • Ben je je bewust van je eigen professionele (humanistische) normen en waarden. (Eindterm 5a)         
  • Kun je morele en ethische vragen van cliënten in diverse settingen identificeren. (Eindterm 4b)         
  • Heb je kennis van verschillende methoden (vormen) van Moreel Beraad. (Eindterm 4b)         
  • Heb je ervaring opgedaan met de bespreking van, uit stages naar voren gekomen, morele dilemma’s. (4b)         
  • Je kunt een van de methoden op een, door een deelnemer ingebrachte, casus toepassen. (Eindterm 4b)         
  • Heb je ervaring opgedaan als gespreksleider moreel beraad. (Eindterm 4b)         
  • Ben je je bewust van de invloed van de gespreksleider op een moreel beraad. (Eindterm 5a)         
  • Kun je morele dilemma’s of ethische vragen vanuit verschillende perspectieven bekijken en dit toepassen in het werk als humanistisch geestelijk begeleider. (Eindterm 1b en 4b)         
  • Je kunt vragen die worden gesteld tijdens een moreel beraad verhelderen. (Eindterm 4b)     
  • Je bent in staat het dialoog tijdens een moreel beraad te stimuleren en te verdiepen. (Eindterm 4b)         
  • Heb je handvatten om moreel beraad te implementeren in de beroepspraktijk, bijvoorbeeld voor multidisciplinaire teams. (Eindterm 4b)         
  • Ben je in staat om kennis, inzichten en probleemoplossende vermogens toe te passen in nieuwe of onbekende (lastige) omstandigheden binnen een bredere (of multidisciplinaire) werksetting als humanistisch geestelijk begeleider. (Eindterm 5a)

Korte
inhouds-
beschrijving

Studenten leren om te gaan met morele dilemma’s, ethische kwesties en crisissituaties die ze tegen (kunnen) komen in het werk als humanistisch geestelijke begeleider. Hierdoor worden ze zich meer bewust van hun normatieve professionaliteit (waarden en normen op het werk). Aan de hand van ingebrachte casussen zal een vertaling plaatsvinden van de theorie naar de praktijk. Door middel van moreel beraad, rollenspellen en verhalen van geestelijk begeleiders leren de studenten om deze situaties vanuit verschillende perspectieven te bekijken / benaderen.

Werkvormen

Literatuurstudie, hoorcollege, oefeningen en werkgroepen met moreel beraden. De hoorcolleges beogen overdracht en verdieping van kennis en inzicht. Ze dienen als kader om meer zicht te krijgen op de ethische aspecten van het beroepspraktijk van de geestelijke begeleiding. De moreel beraden en oefeningen zijn bedoeld voor het verwerven van beroepsmatige vaardigheden, feedback, verdere verwerking van de stof en uitwisselen van ervaringen.

Toetsvormen

Het studieonderdeel wordt afgesloten door middel van een portfolio. Het portfolio bestaat uit zes verschillende onderdelen. Deze onderdelen zijn gericht op het verwerken van de in de college en literatuur aangereikte stof, kennis en vaardigheden. De student reflecteert op zijn/haar eigen leerproces en laat zien dat hij/zij morele aspecten van zijn/haar professie kan identificeren en analyseren. Daarnaast bestaat het portfolio uit een implementatieplan en een essay-opdracht met betrekking tot de eigen normatieve professionaliteit. Deze opdrachten zijn gericht op het toetsen van academische vaardigheden als argumenteren, kritisch omgaan met kennis van anderen en het verwoorden van een eigen standpunt. De student laat in het portfolio een vertaling van het geleerde naar de beroepspraktijk zien. 


Voor dit studieonderdeel geldt deelname verplichting.

Literatuur en
bronnen

Verplichte literatuur:    

Werkboek      
Verplichte literatuur zal worden bekend gemaakt in het werkboek.