Deze website maakt gebruik van cookies

M1-ONDZ1: Wetenschapsfilosofie (19-20)

Studieonderdeel

Wetenschapsfilosofie

Engelse titel

Philosophy of Science

Code

M1-ONDZ1

Leerlijn

Onderzoek

Studiejaar

Masterjaar 1

Onderwijsperiode

Periode II

Omvang

7,5 EC

Taal

Nederlands

Examinator

Prof. Dr. Anja Machielse

(Beoogde) docent(en)

Prof. Dr. Anja Machielse

Dr. Fernando Suárez Müller

Laurine Blonk MA 

LeerdoelenNa deelname aan het vak M1-ONDZ1 Wetenschapsfilosofie volgens de eisen kunnen studenten:
      1.    een zestal wetenschapstheoretische stromingen benoemen die van belang zijn voor filosofen, sociale wetenschappers, geesteswetenschappers en historici die zich bezighouden met vraagstukken over zingeving en humanisering (1a); 
        2.    ontologische en kentheoretische vooronderstellingen in wetenschappelijke teksten over zingeving en humanisering benoemen en analyseren (2b) 
          3.    een eigen standpunt bepalen in discussies over wetenschappelijke kennisverwerving en theorievorming en dat standpunt schriftelijk toelichten (3a, 4a) 
            4.    de ontologische en kentheoretische vooronderstellingen van de humanistiek als interdisciplinaire en normatieve menswetenschap toelichten (3b). 

            Korte inhoudsbeschrijving

            In dit vak wordt ingegaan op de wetenschapsfilosofie van de sociale wetenschappen en de geesteswetenschappen. De nadruk ligt daarbij op de verschillende wetenschapsfilosofische benaderingen die van belang zijn voor de studie humanistiek. In het vak wordt ingegaan op vooronderstellingen over kennisverwerving (epistemologie) en de werkelijkheid (ontologie). Aan bod komen klassieke wetenschapsfilosofische tradities (zoals positivisme, interpretivisme, kritische theorie) en meer recente benaderingen (zoals (neo)pragmatisme, (post)structuralisme, sociaal constructivisme). Tot slot wordt aandacht besteed aan de plaats van de studie humanistiek in het brede veld van wetenschapsfilosofische benaderingen.

            Werkvormen

            Literatuurstudie, hoorcolleges, werkcolleges, een instructiebijeenkomst en een responsiecollege.


            De hoorcolleges beogen overdracht en verdieping van kennis en inzicht. De werkcolleges zijn bedoeld voor verdere verwerking en praktische toepassing van de stof en voor het lezen en bespreken van oorspronkelijke wetenschapsfilosofische teksten. In de instructiebijeenkomst krijgen studenten instructies voor het schriftelijke werkstuk (essay). Het responsiecollege is bedoeld om het tentamen voor te bereiden en vragen over de bestudeerde stof te verhelderen.

            Toetsvormen

            Het vak wordt afgesloten met twee afrondingen. 


            • Afronding 1 (50% van het eindcijfer) betreft een schriftelijk (individueel) werkstuk (essay) waarin de studenten een kritische analyse geven van de wetenschapsfilosofische vooronderstellingen in een wetenschappelijke publicatie. 
            • Afronding 2 (50% van het eindcijfer) is een schriftelijk gesloten boek tentamen, bestaande uit kennisvragen.           

            Literatuur en bronnen

            Verplichte literatuur:

            • Delanty, G., & Strydom, P. (Eds.) (2003). Philosophies of Social Science: The classic and contemporary readings. Maidenhead/Philadelphia: Open University Press. 481 p.