Deze website maakt gebruik van cookies

M1-BEG1: Begeleiding bij zingeving op humanistische grondslag (19-20)

Studie-
onderdeel

Begeleiding bij zingeving op humanistische grondslag

Engelse titel

Chaplaincy in a Humanist Perspective

Code

M1-BEG1

Leerlijn

Beroepsvaardigheden

Studiejaar

Masterjaar 1

Onderwijs-
periode

Periode I

Omvang

7,5 ECTS

Taal

Nederlands

Examinator

Dr. Carmen Schuhmann

(Beoogde)
docent(en)

Dr. Carmen Schuhmann  + gastdocenten (geestelijk begeleiders)

LeerdoelenNa het volgen van M1-BEG1 Begeleiding 1 kan de student:
  1. Begeleiding rond zingeving en humanisering uitleggen in termen van orientatieprocessen in de 'morele ruimte' (1b, 2a)
  2. Kenmerken van verschillende in humanistisch gedachtegoed gewortelde benaderingen van begeleiding beschrijven (1b)
  3. Begeleidingssituaties rond zingeving en humanisering analyseren vanuit in de module aangereikte theoretische kaders (morele oriëntatie, benaderingen van begeleiding en humanistische principes) (2a,3a,4b)
  4. Een onderbouwde visie op humanistische begeleiding geven in relatie tot de eigen morele visie en de behandelde humanistische principes (1b,5a).

      Korte
      inhouds-
      beschrijving

      In dit vak wordt (geestelijke) begeleiding uitgelegd als begeleiding bij oriëntatieprocessen in de “morele ruimte” (Taylor, 1989). Dit biedt een kader om niet alleen traditionele praktijken van geestelijke verzorging maar ook vernieuwende en nieuwe praktijken van begeleiding rond zingeving (in relatie tot humanisering) te doordenken. Vanuit dit kader wordt onderzocht hoe humanistische begeleiding in de context van onze complexe, globaliserende wereld betekenis kan krijgen.  

      Hierbij neemt de student om te beginnen kennis van verschillende in humanistisch gedachtegoed gewortelde benaderingen van begeleiding (client-centered, existentieel, cognitief en postmodern/narratief). Aan de hand van casuïstiek wordt door de studenten geoefend met de vier behandelde benaderingen van begeleiding. De student neemt tevens kennis van visies op begeleiding en van de implicaties van centrale humanistische thema’s voor begeleidingsgesprekken in uiteenlopende contexten. Teksten van Jaap van Praag en de vier humanistische kernprincipes van Derkx worden naast de vier verschillende benaderingen gelegd om een beeld te krijgen van de humanistische aspecten van deze benaderingen van begeleiding. Daarnaast maakt de student kennis met de praktijk van begeleiding bij zingeving tijdens lessen van gastdocenten die in verschillende contexten als geestelijk begeleider werken en eigen casuïstiek inbrengen en bespreken. 

      Tijdens het vak onderzoeken en expliciteren de studenten door het maken van huiswerkopdrachten hun eigen morele visie. Aan de hand van een analyse van een eigen begeleidingsgesprek en de behandelde literatuur wordt de student uitgedaagd een eerste eigen visie op humanistische begeleiding te formuleren.

      Werkvormen

      Hoorcolleges en werkcolleges.

      De interactieve hoorcolleges beogen overdracht en verdieping van kennis en inzicht. De werkcolleges worden deels begeleid door gastdocenten uit de praktijk en zijn bedoeld voor verdere verwerking en praktische toepassing van de stof.

      Voor de voorbereiding en deelname aan de colleges, werkcolleges en presentaties wordt van studenten een grote mate van zelfwerkzaamheid gevraagd. Tegelijkertijd reiken de hoor- en werkcolleges de studenten ook middelen aan tot het ontwikkelen van een meer autonome, zelfsturende studie- en beroepshouding.

      Toetsvormen

      Het vak wordt afgesloten op basis van twee onderdelen. 

      Onderdeel één is een schriftelijk open boek tentamen, bestaande uit visie-, inzicht- en essayvragen. De visie- en inzichtvragen zijn gericht op het toetsen van de visie van de student op het vak van humanistisch geestelijk begeleider; de inzichtvragen zijn gericht op het toetsen van de betekenis van de verschillende benaderinge en humanistische principes voor begeleiding bij zingeving; de essayvragen zijn gericht op het toetsen van academische vaardigheden als argumenteren, kritisch omgaan met kennis van anderen en het verwoorden van een eigen standpunt.

      Het tweede onderdeel is een analyse van een eigen begeleidingsgesprek (het begingesprek dat in de parallel lopende module M1-HUM1 in het kader van het ZKM-practicum wordt gehouden met een medestudent). Voorwaarde voor deelname aan het tentamen is het op tijd inleveren van de huiswerkopdrachten (zie werkboek voor inleverdata).

      Literatuur en
      bronnen

      Verplichte literatuur:

      • Anderson, H., & Goolishian, H. (1992). The client is the expert: A not-knowing approach to therapy. In McNamee, S., & Gergen, K. J., Therapy as social construction (pp. 25-39). London: Sage. ELO
      • Baart, A. (2001). De exposure als basis van de presentie. In Baart, A., Een theorie van de presentie (pp. 211-218). Den Haag: Lemma. ELO
      • Butler, J. (2005). Post-Hegelian queries: “Who are you?” Against ethical violence. In Butler, J., Giving an account of oneself (pp. 26-44). New York, NY: Fordham University Press ELO
      • Crane, R. (2009). Body sensations – a door into the present. In Crane, R., Mindfulness-based cognititve therapy (pp. 49-72). London: Routledge. ELO
      • Deurzen, E. van (2002). Taking stock. In Existential counselling & psycho-therapy in practice (pp. 94-116). Los Angeles: Sage. ELO
      • Ellis, A. (1973). Humanism and psychotherapy. In Ellis, A., Humanistic psychotherapy (pp. 1-16). New York, NY: McGraw-Hill. ELO- Freeman, M. (1993). The story of a life. In Freeman, M., Rewriting the self: History, memory, narrative (pp. 25-49). London: Routledge. ELO
      • Gergen, K. J. (2006). Therapeutic narratives and beyond. In Gergen, K. J., Therapeutic realities, collaboration, oppression and relational flow (pp. 85-103). Chagrin Falls, OH: Taos Institute Publications. ELO
      • Gergen, K. J. (2009). Morality: From relativism to relational responsibility. In Gergen, K. J., Relational being. Beyond self and community(pp. 351-361, pp. 363-371). Oxford: Oxford University Press. ELO
      • Hoogeveen, E. (1991). Empathie-authenticiteit. In Eenvoud en strategie: De praktijk van humanistisch geestelijk werk (pp. 68-75). Amersfoort: Acco. ELO
      • Jordan, J. V. (2004). Towards competence and connection. In Jordan, J. V., Walker, M., & Hartling, L., The Complexity of connection: Writings from the Stone Center’s Jean Baker Miller Training Institute (pp. 11-27). New York, NY: The Guilford Press. ELO
      • Kabat-Zinn, J. (1990). Over heling. In: Kabat-Zinn, J., Handboek meditatief ontspannen: Effectief programma voor het bestrijden van pijn en stress (pp. 186-199). Haarlem: Becht. ELO- McAdams, D. P. (2006). The problem of narrative coherence. Journal of Constructivist Psychology 19, 109-125. Zelf printen: te vinden op Web of Science.
      • Lynch, G. (2002). The significance of values & moral reflection for pastoral care & counseling. In Lynch, G., Pastoral care & counselling (pp. 7-18). London: Sage. ELO
      • McLeod, J. (2003). Morals, values and ethics in counselling practice. In McLeod, J., An introduction to counselling(pp. 382-401, pp. 406-411). Buckingham: Open University Press. ELO
      • Mearns, D. and Thorne, B. (2008). The experience of relational depth. Re-leasing our empathic sensitivity. In Person-centered counselling in action (pp. 62-66, pp. 86-94). Los Angeles: Sage. ELO
      • Murdoch, I. (2014). On “God” and “Good”. In Murdoch, I., The sovereignty of Good. (pp. 51-62), London: Routledge. ELO
      • Olthof, J. & Vermetten, E. (1994). Psychotherapie en tangentieel handelen. In Olthof, J. & Vermetten, E., De mens als verhaal: Narratieve strategieën in psychotherapie voor kinderen en volwassenen (pp. 65-72). Utrecht: De Tijd-stroom. ELO
      • Payne, M. (2006). A fresh look at assumptions in the therapy culture. In Narrative therapy: An introduction for counsellors (pp. 157-179). Los Ange-les: Sage. ELO
      • Praag, J. P. van (1997). Raadswerk. In: Derkx, P. en Gasenbeek, B. (red.), J.P. van Praag. Vader van het moderne Nederlandse humanisme (pp. 168-181). Utrecht: De Tijdstroom. ELO
      • Schuhmann, C. (2016). Counseling in a complex world: Advancing relational well-being. Journal of Constructivist Psychology.. doi: 10.1080/10720537.2015.1102109. Zelf printen.  
      • Schuhmann, C. (2013). Counselling and the humanist worldview. In: Copson, A. & Grayling, A. C. (Eds.). The Wiley-Blackwell handbook of humanism. ELO
      • Schuhmann, C., & van der Geugten, W. (in press). Believable visions of the good: An exploration of the role of pastoral counselors in promoting resilience. Pastoral Psychology.. Zelf printen. 
      • Vlug, P. (2011). Tussen verbijstering en verwondering: Over geweld en transcendentie in de context van het humanistisch raadswerk bij Justitie. In Vlug, P. & Bergen, M. van (red.), Humanisme en kwaad: Reflecties op het humanistisch raadswerk bij Justitie (pp. 82-98). Amsterdam: SWP. ELO
      • White, M., & Epston, D. (1990). Story, knowledge, and power. In White, M. & Epston, D., Narrative means to therapeutic ends (pp. 9-32). New York, NY: Norton. ELO
      • Yalom, I. D. (1998). Death, Anxiety and Psychotherapy. In The Yalom reader, selections from the work of a master therapist and storyteller (pp. 183-204). New York, NY: BasicBooks. ELO
      Eventueel volgt nog een aanvulling.