Deze website maakt gebruik van cookies

M2-BVBEG2: Methodieken van Geestelijke Verzorging (20-21)

Studie-onderdeelMethodieken van Geestelijke Verzorging 
Engelse titelMethods in Existential/Spiritual Counselling
CodeM2-BVBEG2
LeerlijnBeroepsvaardigheden
StudiejaarMaster 2
Onderwijs-periodePeriode II
Omvang7,5 ECTS
ExaminatorCarmen Schuhmann
(Beoogde) docent(en)Carmen Schuhmann, Lisa van Duijvenbooden en Hugo Remmers
Bijdrage aan eindtermen1. Kennis en inzicht: de afgestudeerde kan
1b. relevante perspectieven  op levensbeschouwing, humanistische geestelijke verzorging, democratisch burgerschap en burgerschapseducatie benoemen en analyseren.

2. Toepassen van kennis en inzicht: de afgestudeerde kan
2a. verschillende perspectieven op de kernthema’s zingeving en humanisering toepassen op vraagstukken binnen voor de humanistiek relevante professionele praktijken; 

3. Oordeelsvorming: de afgestudeerde kan
3a. op basis van relevante wetenschappelijke kennis, gebaseerd op kritische (zelf)reflectie en een duurzame dialoog met anderen, onderbouwde en in de wetenschappelijke en maatschappelijke context ingebedde conclusies trekken;

4. Communicatieve (en professionele) vaardigheden: de afgestudeerde kan
4a. zich mondeling en schriftelijk positioneren in wetenschappelijke en beleidsmatige contexten, vanuit humanistische, levensbeschouwelijke waarden en een daarop gebaseerde morele oriëntatie; 
4b. individuen, groepen en/of organisaties ondersteunen bij de omgang met zingevings- en humaniseringsvraagstukken, door inzet van dialogische en analytische vaardigheden, schrijfvaardigheden en coachingsvaardigheden op het terrein van humanistische geestelijke begeleiding, educatie en organisatie;

5. Leervaardigheden: de afgestudeerde kan
5a. de eigen levensbeschouwelijke positionering en het eigen normatieve kader verwoorden met inzet van dialogische vaardigheden en met zicht op de eigen persoonlijke mogelijkheden en beperkingen binnen professionele werkterreinen. 
Leerdoelen
  1. Verschillende methodieken en methodische elementen in uiteenlopende begeleidingssituaties en contexten hanteren (2a, 4b);
  2. De toepasbaarheid van behandelde methodieken en methodische elementen in uiteenlopende begeleidingssituaties en contexten evalueren (2a, 3a, 4b); 
  3. Concrete werkvormen ontwerpen vanuit behandelde methodieken en methodische elementen  (2a, 4b);
  4. Een onderbouwde motivatie voor- en visie op HGV geven in relatie tot de eigen biografie, levensbeschouwing en inspiratiebronnen (1b, 4a, 5a).
Korte inhouds-beschrijvingIn dit studieonderdeel staan methodieken van humanistisch geestelijke verzorging centraal. We volgen daarbij door de module heen het model van een basismethodiek voor geestelijke verzorging volgens Smit (2015). We putten hierbij uit literatuur over geestelijke verzorging, uit verschillende psychotherapeutische stromingen en uit filosofische literatuur. We zullen zowel klassikaal als in kleinere groepen aan de slag gaan met casuïstiek en eigen ervaringen om op deze manier verschillende methodische handvatten en aandachtspunten eigen te maken. Elke week bereidt een groepje studenten bovendien een werkvorm rond het thema van de week voor en voert dat in de les uit. Voorbeelden van thema’s die aan de orde zullen komen zijn: openheid/begrenzing in de relatie, werken met lichaamsweten/taal, narrativiteit, spiritualiteit en de plaats van de eigen levensbeschouwing in het werk. Daarnaast komen ook positionering en presentatie van jezelf als geestelijk verzorger in verschillende contexten aan bod. 
WerkvormenHoorcolleges, werkcolleges en practica
ToetsvormenHet vak wordt afgesloten met een paper waarin een eigen centrale trage vraag wordt onderzocht die relevant is m.b.t. het eigen professionele handelen als HGV’er en een portfolio met daarin de reflectieverslagen die na afloop van elke onderwijsdag zijn geschreven en ingeleverd en een beschrijving van- en reflectie op het door de student ontwikkelde en uitgevoerde praktijkonderdeel.
Literatuur en bronnenZie werkboek
Levensbeschouwelijke, beroepsgerichte en academische vormingDit vak draagt bij met name aan de beroepsmatige en levensbeschouwelijke vorming, maar ook aan de academische vorming van studenten.
  • Beroepsmatige vorming: door inbreng en het onderzoeken van casuïstiek en praktijk- en persoonlijke ervaringen, het oefenen met diverse methodische elementen, het ontwerpen van een werkvorm en het reflecteren op de opgedane ervaringen gekoppeld aan de theorie.
  • Levensbeschouwelijke vorming: studenten onderzoeken gedurende de module hun eigen levensbeschouwing/levenshouding en spiritualiteit en formuleren in hun eindpaper deze eigen levensbeschouwelijke noties gekoppeld aan een eigen visie op HGW.
  • Academische vorming: de vraag naar methodieken van (humanistisch) geestelijke verzorging wordt verkend vanuit uiteenlopende theoretische invalshoeken geworteld in o.a. de psychologie, religiestudies en filosofie.
Samenhang andere onderdelenM2-BVBEG2 sluit nauw aan bij de stagepraktijk, geadviseerd wordt dan ook om dit vak parallel aan de stage te volgen. Tevens bouwt het voort op de modules Begeleiding 1 en Begeleiding2 uit Masterjaar 1, de eerste vakken waarin kennis wordt gemaakt met het werkveld van humanistisch geestelijke verzorging.
Vereiste voorkennisDit vak is bedoeld voor studenten die het 1e jaar van de master hebben afgerond en bezig zijn -of binnenkort starten- met hun gv-stage.
Relatie theorie - praktijkIn dit vak ligt de nadruk sterk op de praktijk. De studenten wordt gevraagd eigen ervaringen uit zowel hun persoonlijk leven als uit de stage/werkpraktijk in te brengen om mee te werken en deze te koppelen aan de literatuur. Belangrijk uitgangspunt van deze module is het ervaringsgericht leren en uitwisseling daarover met medestudenten. 
Relatie onderwijs - onderzoek

Dit vak is verbonden aan onderzoek van de themagroep Humanistische geestelijke verzorging studies voor een plurale samenleving.