Deze website maakt gebruik van cookies

B2-ONDZ4: Kwantitatieve methoden en surveyonderzoek (19-20)


Studieonderdeel

Kwantitatieve methoden en surveyonderzoek 

Engelse titel

Quantitative Methods and Survey Research

Code

B2-ONDZ4

Leerlijn

onderzoekslijn

Studiejaar

Bachelor 2

Onderwijsperiode

Periode II

Omvang

7,5 EC

Taal

Nederlands

Examinator

Dr. Tina Glasner

(Beoogde) docent(en)

Dr. Tina Glasner en dr. Cedric Stalpers

Leerdoelen
  1. de elementaire beginselen en methoden van kwantitatief sociaalwetenschappelijk onderzoek verwoorden en uitleggen (2b)
  2. zelf een eenvoudig kwantitatief sociaalwetenschappelijk vragenlijstonderzoek op te zetten en uit te voeren. (2b)
  3. kwantitatief sociaalwetenschappelijk onderzoek (m.n. surveyonderzoek) kritisch op kwaliteit beoordelen. (2b)
  4. met behulp van het programma SPSS enkele eenvoudige statistische analysetechnieken toepassen op vragenlijstdata. (2b)
  5. een onderzoeksverslag opstellen dat voldoet aan de standaardeisen voor het rapporteren over kwantitatief empirisch onderzoek. (4a) 

Korte
inhoudsbeschrijving

B2-ONDZ4 Kwantitatieve methoden en surveyonderzoek bouwt voort op de sociaalwetenschappelijke onderzoeksvakken uit Ba1. Het vak is grotendeels gericht op kwantitatief onderzoek (studenten hebben in Ba1 uitgebreid kennisgemaakt met kwalitatief onderzoek). Studenten verdiepen zich in de theorie van kwantitatieve methoden en meer specifiek in de procedures en kenmerken van het surveyonderzoek. Het is voor humanistici van groot belang om kwantitatief onderzoek te kunnen begrijpen; elke professional, van coach tot beleidsmaker, komt er mee in aanraking. Daarbij is het survey de belangrijkste vertegenwoordiger van kwantitatief sociaalwetenschappelijk onderzoek welke - als vragenlijstonderzoek met gestructureerde vragenlijsten –  methoden omvat die in vele andere designs terugkomen. We doorlopen theoretisch de fasen van kwantitatief onderzoek en gaan in op designs, steekproeftrekking, dataverzameling (telefonisch, online, e.d.), vragenlijstconstructie en (op conceptueel niveau) data-analyse. Een speciaal aandachtspunt is hoe theoretische concepten zodanig geoperationaliseerd kunnen worden, dat ze ook in vragenlijstonderzoek meetbaar zijn. 

Vervolgens worden de (ook in Ba1) opgedane kennis en vaardigheden toegepast in een klein empirisch surveyonderzoek. Studenten formuleren een bescheiden conceptueel kader voor het onderzoek. De theoretische concepten worden op passende wijze geoperationaliseerd en meetbaar gemaakt waarbij aandacht is voor een kwalitatieve bijdrage aan het hoofdzakelijk kwantitatieve onderzoek. Statistische analyses van de uitkomsten worden gemaakt m.b.v. het programma SPSS. Deze analyses worden voorbereid in werkcolleges en in SPSS-practica. Het onderzoek mondt per groepje uit in een gezamenlijk onderzoeksverslag.

In de werkcolleges wordt eveneens aandacht besteed aan ‘wetenschappelijk lezen en schrijven’ (WLS2), wat zich name richt op de APA-eisen die gesteld worden aan de schrijfstijl, structuur en vormgeving van een empirisch onderzoeksrapport.

Werkvormen

Hoorcolleges, responsiecolleges, werkcolleges, practica.
De hoorcolleges beogen overdracht en verdieping van kennis en inzicht, aan de hand verplichte literatuur. De werkcolleges en responsiecolleges zijn bedoeld voor verdere verwerking en praktische toepassing van de stof. De practica beogen een kennismaking met basale statische data-analyse via het programma SPSS.

Toetsvormen

Schriftelijk tentamen (50%) + schriftelijk groepswerkstuk (50%).

Het schriftelijk tentamen toetst het theoretische gedeelte van dit studieonderdeel en bestaat deels uit meerkeuzevragen en deels uit open vragen welke zijn gericht op kennis en inzicht.

Het schriftelijk groepswerkstuk betreft de verwerking van tussenopdrachten betreffende de genoemde centrale  fasen in het onderzoeksproces. 

Literatuur en bronnen

Verplichte literatuur:


  • Baarda, B., Bakker, E., Julsing, M., Van Vianen, R., Fischer, T., & Van der Hulst, M. (2017, 6de druk). Basisboek Methoden en Technieken. Groningen: Noordhoff Uitgevers. 

Verder nader bekend te maken.