Doodswens 75-plussers is veranderlijk


9 juni 2021


Uit nieuw onderzoek blijkt dat de doodswens van 75-plussers die niet ernstig ziek zijn allerlei gradaties kent, veranderlijk is, en qua intensiteit sterk wisselt. Deze ‘golfbeweging’ is ook in eerdere studies geconstateerd. Bij slechts een klein deel van de 75-plussers met een doodswens is er sprake van een actuele vraag naar hulp bij zelfdoding.


Vorig jaar juli heeft D66 een wetsvoorstel ingediend dat hulp bij zelfdoding mogelijk moet maken voor 75-plussers die hun leven als ‘voltooid’ beschouwen. De verwachting is dat dit wetsvoorstel in de komende regeerperiode in de Tweede Kamer behandeld wordt. Op 7 juni 2021 wordt een nieuwe studie gepubliceerd in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG). Het doel van deze studie: inzicht geven in de omvang, kenmerken en omstandigheden van 75-plussers met een doodswens terwijl ze niet ernstig ziek zijn. Ook geeft de studie inzicht in de aard van deze specifieke doodswens.


De nieuwe studie is een sub-analyse van het grootschalige en uitgebreide vragenlijstonderzoek dat in 2019 is verricht onder een representatieve groep Nederlanders van 55 jaar en ouder (32.477 personen via de TNS-NIPObase, respons 65,6%) in opdracht van het ministerie van VWS en gefinancierd door ZonMw. Uitkomsten met betrekking tot de 55-plussers zijn eerder gepubliceerd in het PERSPECTIEF-rapport dat begin 2020 gepresenteerd is in Nieuwspoort.

Hoeveel mensen hebben een doodswens?

Van alle 75-plussers die meededen aan ons onderzoek gaf 1,78% aan dat zij een persisterende doodswens (=langer dan een jaar) hadden zonder ernstig ziek te zijn. Gewogen naar de samenstelling van de Nederlandse bevolking gaat dit naar schatting om 2,07% van alle 75-plussers in Nederland. Dit zou betekenen dat zo’n 29.000  75-plussers een persisterende doodswens hebben zonder dat zij zichzelf als ernstig ziek beschouwen. Ruim een derde van hen heeft een passieve doodswens: zij leven met een verlangen naar de dood zonder zelf plannen te maken of stappen te zetten om de dood te bespoedigen. Ze wachten of hopen op een natuurlijke dood. Er zijn ook mensen met een actieve doodswens: zij maken plannen of zetten concrete stappen met betrekking tot hun doodswens, zoals gesprekken voeren met de huisarts over euthanasie, een behandelverbod opstellen, zoeken naar een zelfdodingsmiddel en/of het serieus overwegen van zelfdoding. Naar schatting gaat dit om 1,10% van de 75-plussers, oftewel zo’n 15.000 mensen. Van deze laatste groep gaf een slechts klein deel (0,19%, ongewogen percentage) aan dat hun doodswens zich het beste laat omschrijven als een wens tot levensbeëindiging

De doodswens is veranderlijk

Uit dit onderzoek blijkt dat de betekenis van uitspraken zoals ‘ik verlang naar de dood’, ‘ik wil morgen niet meer wakker worden’ of ‘ik vind mijn leven voltooid’ sterk per persoon verschilt. Uit het onderzoek blijkt ook dat de doodswens van 75-plussers die niet ernstig ziek zijn allerlei gradaties kent, veranderlijk is en qua intensiteit sterk wisselt. Deze ‘golfbeweging’ is ook in eerdere studies geconstateerd. Bij slechts een klein deel van de 75-plussers met een doodswens is er sprake van een actuele vraag naar hulp bij zelfdoding.

Doodswens komt vaker voor onder lager opgeleiden 

De studie laat zien dat 75-plussers met persisterende doodswens gemiddeld vaker laagopgeleid zijn, afkomstig uit lagere sociale klassen en iets vaker uit meer verstedelijkte gebieden. Hoewel zij zichzelf beschouwden als ‘niet ernstig ziek’, bleken zij wel vaker gezondheidsproblemen te hebben. Het was dus zeker geen ‘gezonde’ groep.

Behoefte aan erkenning en goede gesprekken

Belangrijke factoren die de doodswens versterken waren onder andere afhankelijkheid van anderen, piekeren, lichamelijke en geestelijke aftakeling, gezondheidsproblemen en eenzaamheid. Hoewel de behoefte aan erkenning, begrip en goede gesprekken wel aanwezig was, gaf ruim een derde aan de wens met niemand te bespreken.

Geen opmerkelijke verschillen tussen de 55-plussers en de 75-plussers

Als de groep 75-plussers vergeleken wordt met de 55-plussers, valt op dat er nauwelijks grote verschillen zijn tussen beide groepen, terwijl in het maatschappelijk debat over ‘voltooid leven’ vaak wordt gesuggereerd dat het om een aparte groep gaat met andere kenmerken.


De studie is verricht door onderzoekers van de Universiteit voor Humanistiek en het Julius Centrum voor Gezondheidswetenschappen en Eerstelijns Geneeskunde van het UMCU, onder leiding van Dr. Els van Wijngaarden.

Aandacht voor dit onderzoek in de media:


  • NRC, 10 juni: ‘Doodswens van 75-plussers ook zeldzaam en veranderlijk’
  • nu.nl, 11 juni: Ongeveer vijftienduizend 75-plussers zouden actieve doodswens hebben
  • Skipr, 11 juni: Doodswens 75-plussers komt zelden voor
  • CIP, 14 juni: Onderzoek: doodswens 75-plussers zeldzaam en veranderlijk

Uit nieuw onderzoek blijkt dat de doodswens van 75-plussers die niet ernstig ziek zijn allerlei gradaties kent, veranderlijk is, en qua intensiteit sterk wisselt.

Pagina delen